1/2

TopOndernemers - methode voor zaakvakken

Hoe leren leerlingen? Wat willen we de kinderen in het onderwijs meegeven? Deze vragen zijn bepalend geweest voor de ontwikkeling van de zaakvakkenmethode TopOndernemers. Kinderen leren allemaal anders, ze hebben hun eigen specialiteiten.

Leerlingen op veel verschillende, nieuwe en verfrissende manieren laten werken aan geschiedenis, aardrijkskunde, natuur en techniek. Dat is wat TopOndernemers doet. Kinderen ontdekken de wereld en zichzelf via thematisch onderwijs.

TopOndernemers realiseert zich dat je kinderen in de verkenning van de wereld niet aan hun lot moet overlaten, maar ze zeker ook niet aan het handje moet meenemen.

TopOndernemers maakt kinderen actief, ondernemend en vooral heel zelfstandig.

Met TopOndernemers 2.0 wordt digitaal en folio op uniek wijze verenigd. Alle informatie staat in één oogopslag bij de les. De Winkler Prins integratie biedt verdieping en verbreding over het onderwerp. Met de handige kenniskaart en digitale toets weet u zeker dat u de kerndoelen dekt.

Klassikaal maar ook zelfstandig

Alle aangeboden lesstof wordt op zeer interactieve wijze ondersteund met filmpjes, animaties, foto's en een duidelijke toelichting. Op het digibord kan klassikaal de vele verkeerssituaties behandeld worden.
De lessen en toetsvragen kunnen ook individueel via tablet of PC worden aangeboden, waardoor de leerling ook zelfstandig met Onlineklas Verkeer an de slag kan.
Als leerkracht is voorbereiding op de lessen minimaal.

Er worden 12 thema's aangeboden met 15 opdrachtkaarten voor de groepen 3/4. Hetzelfde aantal ook voor de groepen 5/6 en voor de groepen 7/8. De doorlopende leerlijn bevat 36 thema's.
 

Voorbeelden:

  • Reizen

  • Wereld in het klein

  • Derde Wereld

  • Oorlog en Vrede

  • Boerderij

  • A t/m Z

  • Ik, jij, wij

  • Sport en Ontspanning

  • Water, Aarde, Lucht en Vuur

  • Vlinders in je buik

  • Multimedia

  • Amerika

Thema's

Opdrachtkaarten

De opdrachtkaarten zijn genummerd. Als eerste komen de groepsopdrachten, vervolgens de duo-opdrachten en daarna de individuele opdrachten. De opdrachten hoeven niet in een bepaalde volgorde te worden gemaakt. Tijdens een thema kunnen de kinderen ongeveer 3 tot 10 kaarten maken.

 

Opdrachtkaarten en organisatie
De thematische opdrachtkaarten zijn op verschillende manieren in te zetten:

1. Naar groeperingsvorm
Er zijn groepsopdrachten, duo-opdrachten en individueel te maken opdrachten. In het themaoverzicht staan de opdrachtkaarten geordend naar groeperingsvorm. In volgorde van groep, duo en individueel. De groepsopdrachten worden door een groepje van 3 tot 5 kinderen uitgevoerd. 

2. Naar activiteit en werkvorm
Er zijn verschillende activiteiten en werkvormen die weergegeven worden met pictogrammen. 

3. Naar leerdoel
Er zijn leerdoelen op de opdrachtkaarten weergegeven. Per thema staan deze in een overzicht vermeld. Ook is in het overzicht het eindproduct en het leergebied (kerndoel) te vinden.

 

Opdrachtkaarten en differentiatie

Elk thema kent 15 opdrachtkaarten bedoeld voor de leerjaren groep 5/6 en 15 opdrachtkaarten voor de leerjaren groep 7/8. Differentiatie is mogelijk. Ze kunnen leerjaardoorbrekend worden ingezet.

Het gezamenlijk werken aan een thema in groep 5 t/m 8 kan differentiatie met de opdrachtkaarten bevorderen.

Daarnaast bieden de opdrachtkaarten de mogelijkheid om te kiezen naar groeperingsvorm. Zo kunnen bijvoorbeeld de groepen bij de groepsopdracht heterogeen worden samengesteld en kunnen zwakke met goede leerlingen samenwerken. De verschillende werkvormen bieden de leerkracht de mogelijkheid om de kinderen bij de afsluiting van een opdracht op eigen niveau te laten presenteren.

Praatplaten

In de introductieles staan de leervragen en bedoelingen centraal. Wat weten de kinderen al? Wat is interessant om te leren? Welke doelen kunnen we stellen?
 

Voor de groepen 5 t/m 8 zijn praatplaten ontwikkeld met onderwerpen die in een leergesprek worden aangeboden. De leerlingen zijn dan bezig met het onderwerp en zijn meer in staat gerichte vragen te stellen.

Samenwerkingsvormen bij de introductie zijn: woordvelden, rotondes, denken-delen-uitwisselen.

De leerkracht stimuleert om de ‘waarom-vragen’ om te bouwen naar ‘hoe-vragen’ en ‘wat-vragen’.

Handleiding/kopieermap

De handleiding/kopieermap groep 5 t/m 8 bestaat uit:

  • Algemene theoretische verantwoording en achtergrond

  • Verantwoording van de kerndoelen

  • Themaoverzicht en jaarplanning

  • Tijdsinvestering per week

  • Praktijkhandleiding

  • Hoe werk ik met de thema’s

  • Introductie van een thema / Diagnostische vragen

  • Procesbegeleiding: hoe, wat en waarom?

  • Plankaarten en registratieformulieren

  • Uitwerking per thema ( materiaallijsten via downloads )

  • Thematische werk- en kopieerbladen

Hulpkaarten

De hulpkaarten bieden ondersteuning bij het zelfstandig uitvoeren en verwerken van opdrachten. Deze hulpkaarten kunnen eventueel klassikaal worden geïntroduceerd.

Elke hulpkaart bestaat uit 4 onderdelen: Wat is, Wanneer maak je, Hoe maak je en het Eindresultaat.

De volgende onderwerpen komen in de hulpkaarten aan de orde:

  • Een PowerPoint presentatie maken

  • Een interview houden

  • Een enquête maken

  • Een verhaal schrijven

  • Een folder maken

  • Een presentatie houden

  • Een muurkrant maken

  • Een artikel schrijven

  • Een collage maken

  • Een werkstuk maken

  • Een grafiek maken

  • Een uitlegplaat maken

  • Een verslag maken

  • Een tijdlijn maken

Op de hoogte blijven?
  • Facebook Social Icon
  • Twitter Social Icon
  • Instagram Social Icon
  • LinkedIn Social Icon
Zaakvakken
ICT-oplossingen
Mediatheek

Copyright Onlineklas, alle rechten voorbehouden